“Hij komt alleen naar huis met de bus”
- Gegevens
- Categorie: Buitenland
- Gepubliceerd op dinsdag 07 februari 2012 18:50
- Geschreven door Klasse voor ouders
- Hits: 97

De school van Lars (4) is een eindje van huis, daarom blijft hij er tijdens de week overnachten. Maar in het weekend speelt hij thuis met zijn zus Lore en maken ze samen kleurrijke pannenkoeken van plasticine.
Mama Ann: "Een keer om de twee weken komt Lars op vrijdag in zijn eentje naar huis met de schoolbus. Dat konden we ons vorig jaar amper voorstellen. Lars is doof en heeft autisme. Maar hij is een vechter en hij wil vooruit. Zijn hoorapparaatjes zijn nu zo goed afgesteld dat hij sinds kort zelfs vrij duidelijk begint te praten. Zijn gevoel en zicht zijn ook veel scherper dan bij andere mensen. Het minste lichtje op zijn kamer, of trillingen van voetstappen op de plankenvloer maken hem wakker."
"In het begin is Lars enkele keren naar de dorpsschool gegaan, maar al snel zagen we dat hij niet zou bijleren in zo'n grote groep. In de buurt is een type 2-school, maar ik vond hem nog te jong om hem al in die richting te oriënteren. We konden nog niet voorspellen hoe snel en óf hij überhaupt nog zou bijleren. Het zou nochtans makkelijk geweest zijn: elke dag tien minuutjes met de bus heen en terug. Maar vandaag ben ik heel blij dat we toen de beslissing hebben genomen om hem naar een type 7-school in Gent te laten gaan, ook al is die 50 km verderop en kan hij niet elke dag naar huis komen."
"Toen de thuisbegeleiding voorstelde dat Lars in een gastgezin of in het MPI zou kunnen overnachten, moesten we dat wel even laten bezinken. In het begin zou hij twee keer per week inslapen. Mensen rondom ons moedigden ons aan: 'Het zal voor jullie ook eens twee avonden rust betekenen', zeiden ze. We besloten het te proberen."
"Na enkele weken zagen we Lars al openbloeien. Hij stond telkens te springen om naar school te vertrekken en duwde ons de klas uit zodra we arriveerden. Sinds november dit schooljaar vonden we hem sterk genoeg om hem een volledige week te laten overnachten. "
"De school werkt naar wat Lars kan. Per drie maand worden er wel doelen vastgelegd, maar uiteindelijk beslist Lars zelf wanneer hij iets leert. Je kan nooit vooraf zeggen: binnen twee maand zal hij dat kunnen. Het komt zoals het komt en we zijn blij met elke stap die hij zet. Mijn droom voor hem is dat hij zelfstandig kan functioneren als de tijd daar rijp voor is."
"Lars heeft intussen ook vrienden gemaakt op school. Hij is zelfs al eens uitgenodigd op een verjaardagsfeestje. Die andere jongen kan niet spreken. Wonderlijk om te zien om die twee elkaar zonder woorden begrijpen en spelen. Voor ons is het ook heel fijn om met zijn ouders om te gaan. "
"Lars heeft ook heel veel aan zijn zus Lore (6). Hij imiteert alles van haar. Ze heeft nooit op een negatieve manier aandacht opgeëist. We hebben wel van bij het begin alles aan haar uitgelegd en we willen alles zo gewoon mogelijk laten zijn."
"Thuis is het rustiger nu. Ons sociaal leven komt weer een beetje op gang en grote zus geniet van de momenten dat ze alleen is, al is ze heel close met haar broer. Zij heeft ook nooit negatieve aandacht opgeëist, want we hebben van bij het begin alles zo normaal mogelijk laten verlopen in ons gezin."
"Van mensen die ons niet kennen krijgen we soms vreemde blikken als Lars een driftbui krijgt. Het 'voordeel' is dat je zijn apparaatjes ziet: mensen merken meteen dat Lars een beetje 'anders' is, in tegenstelling tot kinderen die enkel autisme hebben. Soms staat hij met zijn vuisten gebald voor mij. Wat als hij dat doet op zijn veertiende? Daar ben ik wel een beetje bang voor."
Lars zit in een MPI. Dat staat voor Medisch-Pedagogisch Instituut. Dat is een internaat voor kinderen met een handicap. Vanuit het MPI gaan de kinderen naar een school. Wie niet naar school kan, doet op het internaat vervangende activiteiten.
Bron: Klasse voor ouders